Boren in voegen van de badkamer: slim idee of niet?

file

Boren in voegen van de badkamer is in de meeste gevallen prima te doen en vaak zelfs handiger dan boren door de tegel zelf. Een voeg is zachter materiaal dan keramiek of porselein, waardoor je minder kans hebt op scheuren of springen van de tegel. Toch zijn er situaties waarin je juist beter door de tegel boort. Hieronder lees je wanneer je welke keuze maakt en hoe je dat het beste aanpakt.

Voordelen van boren in de voeg

Tegels, zeker in de badkamer, zijn hard en glad. Een boor glijdt daar makkelijk weg voordat hij grip krijgt. Een voeg is van cementgebonden voegmortel of epoxy, en dat materiaal is zachter. De boor bijt er sneller in, waardoor je minder risico loopt op wegglijden. Dat scheelt een kapotte tegel en frustratie.

Een ander voordeel: als je de boring toch niet mooi vindt of de haak op een andere plek wil, kun je een beschadigde voeg makkelijker bijwerken dan een gebarsten tegel. Voegmortel is te koop bij elke bouwmarkt en aanbrengen doe je met een simpel kokerje of een tandenstoker. Een beschadigde tegel vervangen is een stuk meer werk.

Wanneer boren in de voeg juist niet handig is

Boren in de voeg heeft ook een keerzijde. Een voeg is smal, meestal tussen de 2 en 5 millimeter breed. Als je een plug nodig hebt voor iets met wat gewicht, zoals een handdoekenrek of een spiegel, dan past een standaard plug (6 of 8 mm) niet in de voeg. Je eindigt dan toch in de tegel naast de voeg, of je kiest voor twee boorgaten die elk deels in de voeg en deels in de tegel vallen. Dat werkt minder goed.

Boor je in een voeg die waterdicht is of waterdicht moet blijven, dan beschadig je die afdichting. Dit speelt vooral bij horizontale voegen aan de rand van de douche of het bad, waar water direct langs loopt. Na het boren moet je de voeg rondom het gat opnieuw afdichten met siliconenkit, anders trekt er vocht achter de tegels.

Zo boor je correct in de voeg van je badkamer

Volg dit stappenplan voor een schoon en sterk resultaat:

  • Gebruik de juiste boor. Kies een universele boor of een boor speciaal voor tegels en steen. Een hamerboormachine zet je op de gewone boorstand, niet op hameren. Hameren op een smalle voeg kan de omliggende tegels beschadigen.
  • Markeer de plek. Plak een klein stukje schilderstape over de voeg op de plek waar je boort. Dat voorkomt wegglijden bij de start.
  • Begin langzaam. Start de boor op lage snelheid en oefen lichte druk uit. Zodra de boor grip heeft, kun je wat meer druk geven.
  • Houd rekening met de maat. Boor niet groter dan de voeg breed is. Wil je een 6 mm plug gebruiken, zorg dan dat de voeg breed genoeg is of kies een kleinere plug (4 of 5 mm) voor lichte lasten.
  • Kit het gat af. Gebruik na het aanbrengen van de plug en de schroef een klein beetje transparante siliconenkit rondom het gat. Zo blijft de plek waterdicht.

Welke plug en schroef kies je?

Voor lichte lasten zoals een zeephouder of een kleine haak, volstaat een nylon plug van 4 of 5 mm met een bijpassende schroef. Voor zwaardere bevestigingen, denk aan een handdoekenrek van een kilo of meer, is boren door de tegel vaak slimmer. Daar pas je een 6 of 8 mm tegel- of universele plug in, en die zit steviger in het hardere tegelmateriaal dan in de zachte voeg.

Twijfel je over de belasting? Reken dan met een veiligheidsmarge. Een plug in een voeg is geschikt voor lichte lasten van ruwweg enkele honderden gram tot maximaal ongeveer 1 kilogram. Zwaarder dan dat: kies voor de tegel zelf of gebruik tegellijmaankers, die speciaal voor dit soort situaties zijn gemaakt.

Boren in de voeg van je badkamer is dus een prima keuze voor kleine, lichte bevestigingen. Houd de voegbreedte in de gaten, werk zonder hamerfunctie en dicht het gat daarna goed af. Dan zit je haak of houder stevig, zonder dat je een tegel riskeert.

Gerelateerde blogs