Badkamer tegels zetten is een klus die je met de juiste voorbereiding goed zelf kunt doen. Je begint met een egale, schone ondergrond, kiest de juiste tegellijm en werkt rij voor rij van beneden naar boven. De meeste mensen hebben een weekend nodig voor een gemiddelde badkamer, maar een goede voorbereiding bepaalt voor meer dan de helft of het resultaat strak en duurzaam wordt.
Voorbereiding: de ondergrond en het gereedschap
Voordat je ook maar één tegel aanraakt, moet de wand of vloer klaar zijn. Op een wand controleer je of het stucwerk of de tegelbacker board vlak is, zonder loszittende stukken of vettige plekken. Onthecht oppervlak zandpapieren of afbijtmiddel gebruiken, anders hecht de tegellijm slecht. Een vloer moet waterpas zijn. Een niveauverschil van meer dan 3 mm per meter corrigeer je eerst met vloeregaline, anders worden de tegels ongelijk.
Wat heb je nodig? Verzamel dit van tevoren:
- Kerfspaan (tandspaan) in de juiste maat (voor tegels tot 30×30 cm: 6 mm tand; groter formaat: 8 tot 12 mm)
- Tegellijm (flexibele lijm voor badkamers, waterbestendig)
- Voegmiddel (epoxy of cement, afhankelijk van de voegbreedte en het gebruik)
- Tegelkruisjes of tegelafstandhouders
- Waterpas (minimaal 60 cm)
- Tegelsnijder of haakse slijper met diamantschijf
- Emmer, mengspiraal en boormachine
- Spons, aftrekker en voegspuit
Badkamer tegels zetten: de juiste volgorde
Begin altijd met het bepalen van het beginpunt. Leg de tegels droog neer op de vloer of tegen de wand om te zien hoe de verdeling uitpakt. Zorg dat de smalle reepjes aan de rand (de snijranden) zo klein mogelijk zijn en liefst op de minst zichtbare plek terechtkomen, zoals achter de deur of naast een kast.
Op een wand start je niet aan de onderkant van de wand, maar op de hoogte van de eerste volledige rij boven de vloer. Spijker of schroef daar een rechte lat als geleidingslat in. Zo hang je de bovenste rijen waterpas en vul je de onderste rij als laatste in, op maat gesneden. Zo liggen alle zichtbare rijen recht, ook als de vloer licht scheef is.
Op de vloer werk je van het midden naar de randen, of van de verste hoek naar de deur toe, zodat je niet over verse tegels stapt.
Tegellijm aanbrengen en tegels kloppen
Meng de tegellijm volgens de verpakking. De consistentie is goed als de lijm blijft staan zonder terug te zakken. Breng de lijm aan met de gladde kant van de kerfspaan en trek daarna ribbels met de getande kant in een vaste richting. Dit zorgt voor een gelijkmatige hechting.
Druk elke tegel met een licht draaiende beweging aan en klop hem vlak met een rubber klopper. Controleer na elke 3 tot 5 tegels met de waterpas of je nog in het lood zit. Gebruik tegelkruisjes voor een gelijkmatige voeg. Verwijder lijm die in de voeg komt direct, want uitgeharde lijm later verwijderen is tijdrovend.
Laat de lijm minimaal 24 uur uitharden voor je begint met voegen. In een vochtige badkamer soms langer: check de verpakking.
Snijden en hoeken
Tegels die langs een rand, leidingpijp of hoek moeten worden aangepast, zaag of breek je op maat. Een handtegelsnijder is voldoende voor rechte sneden in keramische tegels tot ongeveer 8 mm dik. Voor dikkere tegels, porselein of ingewikkelde vormen gebruik je een haakse slijper met diamantschijf of een natte tegelzaag (te huur bij gereedschapsverhuurders).
Bij buitenhoeken gebruik je hoekprofielen van aluminium of rvs, of je freest de rand schuin af (45 graden). Binnenhoeken vul je af met siliconenkit, nooit met voegmiddel. Voeg trekt namelijk niet mee bij kleine bewegingen van het gebouw, maar siliconen doet dat wel. Zo voorkom je scheuren.
Voegen: het eindresultaat
Verwijder eerst alle tegelkruisjes. Meng het voegmiddel tot een smeuïge pasta en werk het met een rubberen voegspaan diagonaal over de tegels, zodat de voegen goed gevuld raken. Veeg het overtollige voegmiddel na 10 tot 15 minuten weg met een vochtige spons in rondgaande bewegingen. Poets de tegel daarna droog met een zachte doek.
Rondom de badkuip, douche, wastafel en in alle hoeken gebruik je altijd siliconen. Dit is de waterkerende afdichting die scheuren en lekkage voorkomt. Breng siliconen aan met een siliconenspuit, strijk glad met een natte vinger of siliconenspatel, en laat minimaal 24 uur drogen voor de ruimte in gebruik wordt genomen.
Veelgemaakte fouten bij het tegelen van een badkamer
- Geen grondlaag aangebracht: op absorberende ondergronden (zoals gipsplaat) trek je eerst een primer aan, anders zuigt het materiaal de lijm te snel droog.
- Verkeerde lijm gekozen: gebruik in een badkamer altijd waterbestendige, flexibele tegellijm (klasse C2 of hoger).
- Te grote voegen dichtgezet met siliconen: siliconen is voor aansluitingen, niet als vervanging van voegmiddel over grote oppervlakken.
- Beginnen zonder droge testopstelling: wie niet eerst droog opmeet, verrast zichzelf vaak met een lelijk smal reepje op de meest zichtbare plek.
- Tegels direct belasten: loop niet over vloertegels voor de lijm is uitgehard. 24 uur is het minimum, 48 uur is beter.
Tegels zetten in de badkamer vraagt geduld en nauwkeurig werken, maar is goed te doen als je de stappen in de juiste volgorde aanhoudt. De voorbereiding van de ondergrond en het correct mixen en aanbrengen van de lijm zijn de punten waar het het vaakst misgaat. Doe je dat goed, dan staat het eindresultaat jaren mee.














