Behang om en om plakken doe je om kleurverschillen tussen de banen onzichtbaar te maken. Bij veel behangsoorten zit er een subtiel verschil tussen de linker- en rechterkant van de baan. Als je elke tweede baan omdraait (met de onderkant naar boven), wissel je die kanten steeds af. Zo vallen eventuele kleurverschillen niet op.
Waarom behang om en om plakken nodig is
Bij de productie van behang wordt de kleur niet altijd exact gelijkmatig over de hele breedte aangebracht. De linkerkant van een baan kan net iets lichter of donkerder zijn dan de rechterkant. Dat lijkt misschien klein, maar als je vijf of zes banen naast elkaar hangt en ze allemaal in dezelfde richting, zie je dat aan de muur meteen: er ontstaan zichtbare strepen of een soort lichtere en donkerdere zones over de muur.
Door de banen om en om te hangen wissel je de “lichte” en “donkere” kanten steeds af langs de naden. Daarmee verdwijnt dat patroon uit beeld. Het kleurverschil is er nog steeds, maar het oog ziet het niet meer als een regelmatige afwijking.
Wanneer wordt dit aangeduid op het etiket?
Op behangverpakkingen staan symbolen die aangeven hoe je de banen moet aanbrengen. Het symbool voor om en om plakken heet “stortend plakken”. Je herkent het aan twee pijlen die in tegengestelde richtingen wijzen. Staat dat symbool op het etiket, dan moet je elke tweede baan ondersteboven aanbrengen. Dit heeft niets te maken met het dessin of het patroon, maar puur met de kleuregalisering.
Staat dit symbool er niet op, dan hoef je de banen niet om te draaien. Bij die behangsoorten is de kleur over de breedte gelijkmatig genoeg om alle banen in dezelfde richting te hangen.
Hoe doe je dat in de praktijk?
Het werkt als volgt. Je snijdt je banen op maat. Baan 1 hang je gewoon, met de bovenkant boven. Baan 2 draai je om: de kant die bij baan 1 onderaan zat, breng je nu bovenaan aan. Baan 3 hang je weer normaal. Baan 4 weer omgekeerd. Zo wissel je steeds af.
Let op: dit werkt alleen bij behang zonder een herhalend patroon, of bij behang met een “vrije inpassing” (ook een symbool op het etiket). Bij behang met een vast rapport (een terugkerend motief dat moet aansluiten) kun je de banen niet zomaar omdraaien, omdat het patroon dan niet meer klopt. Bij dat type behang is om en om plakken dan ook niet van toepassing.
Wat gaat er mis als je het weglaat?
Als je behang met het stortend-plakkensymbool toch allemaal in dezelfde richting hangt, loop je kans op zichtbare kleurstrepen langs de naden. Dat zie je soms pas goed als de muur helemaal klaar is en je een stap terugzet. Dan is het oplossen lastig: het behang moet er dan vrijwel altijd af en opnieuw worden aangebracht.
Neem het etiket dus altijd even door voordat je begint. Twee minuten lezen bespaart je een halve dag werk over.














