Sommige mensen liegen vaker dan anderen. Bij een pathologische leugenaar gebeurt dit zo vaak dat het een gewoonte wordt. Het gaat dan niet meer om af en toe een leugentje om bestwil, maar om verhalen die steeds opnieuw verzonnen worden. Deze leugens zijn vaak groot of onnodig. De persoon vertelt ze zelfs als er geen reden voor is. Dit gedrag kan problemen veroorzaken in vriendschappen, op het werk en binnen het gezin.
Hoe herken je een pathologische leugenaar
Een pathologische leugenaar verzint vaak verhalen die niet kloppen. Deze verhalen zijn soms spannend of overdreven. Wat opvalt is dat de persoon zelf blijft doen alsof alles waar is. Zelfs als anderen twijfelen of bewijs hebben dat iets niet klopt, houdt de leugenaar vast aan zijn verhaal. Hij of zij liegt ook over kleine dingen waar helemaal geen voordeel uit te halen valt. Dat maakt het anders dan gewoon liegen om ergens beter van te worden.
Waarom iemand constant liegt
Het is niet altijd duidelijk waarom iemand steeds liegt. Soms ligt de oorzaak bij problemen met het zelfbeeld. De persoon wil zich belangrijker of interessanter voordoen. In andere gevallen is het een manier om aandacht te krijgen. Er zijn ook mensen die liegen om nare gevoelens te verstoppen. Voor sommige mensen hoort het bij een psychische stoornis, zoals een persoonlijkheidsstoornis. Het kan ook ontstaan door ervaringen uit de jeugd of door angst om afgewezen te worden.
Wat de gevolgen zijn
Voor de leugenaar zelf kunnen de leugens zorgen voor stress. Het kost veel moeite om verhalen vol te houden. Ook kan het leiden tot ruzies of verlies van vertrouwen. Familie en vrienden weten niet meer wat ze kunnen geloven. Op het werk kan het leiden tot ontslag als er gelogen wordt over belangrijke zaken. Het contact met anderen wordt steeds moeilijker, want niemand wil steeds voor de gek gehouden worden. Dit zorgt vaak voor eenzaamheid of verdriet aan beide kanten.
Hulp en behandeling
Een pathologische leugenaar stopt meestal niet vanzelf. Vaak is er hulp nodig van een psycholoog. Deze kan samen met de persoon kijken waar het gedrag vandaan komt. Daarna wordt geprobeerd om nieuwe manieren aan te leren om met gevoelens om te gaan. Dit vraagt tijd en inzet, maar het kan wel helpen om eerlijker te worden. Ook mensen in de omgeving kunnen advies krijgen over hoe ze het beste met dit gedrag kunnen omgaan. Het is belangrijk dat de leugenaar zich veilig voelt, zodat hij of zij durft te veranderen.














